Borstvoeding: het complete overzicht (alle meest gestelde vragen beantwoord)

borstvoeding

Borstvoeding is de beste voeding voor je baby en is ook goed voor jouw gezondheid. Zo beschermt het je baby tegen ziekten, en jou helpt het bijvoorbeeld om weer op gewicht te komen.

Niet onbelangrijk 🙂

Dat wil natuurlijk niet zeggen dat het geven van flesvoeding slecht is. Iedereen maakt hierin zijn eigen afweging en heeft zo haar eigen redenen om voor het een of voor het andere te kiezen.

In dit overzicht geven we je antwoord op de meeste gestelde vragen over borstvoeding.

1. Borstvoeding: een goede voorbereiding

Weet jij al of je borstvoeding gaat geven?

De belangrijkste tip die we je kunnen geven is de volgende. Zorg ervoor dat je beschikt over voldoende kennis.

Lees.

Lees goed alle voor- en nadelen over het geven van borstvoeding.

Lees wat experts te vertellen hebben.

Lees wat ervaringsdeskundigen zeggen.

Er zijn bijzonder veel sites die je hierover goede informatie kunnen geven.

Neem bijvoorbeeld eens een kijkje bij het voedingscentrum.

Hoelang moet ik borstvoeding geven?

Een baby heeft het meeste voordeel als hij ten minste 6 maanden borstvoeding krijgt, maar elke week telt. Zo zijn er vrouwen die een paar weken borstvoeding geven en vrouwen die wel tot 5 jaar borstvoeding geven!

Bekijk zelf wat het beste bij je past.

2. De basis van borstvoeding

Komt borstvoeding vanzelf op gang?

Al vanaf de 20e week van je zwangerschap maakt je melkklierweefsel moedermelk aan. Hormonen uit de placenta zorgen dat deze melk nog niet vrijkomt. Na de geboorte van je baby en de placenta verdwijnt deze ‘remmende’ factor. Je borsten vullen zich en gaan na een aantal dagen grotere hoeveelheden melk produceren.

Daarna wordt de productie steeds meer een kwestie van vraag en aanbod. Hoe meer je baby drinkt, hoe meer moedermelk wordt aangemaakt.

Moeder en kind zijn een perfect koppel voor borstvoeding. Hormonen en reflexen zorgen ervoor dat het aanbod moedermelk van de moeder zich afstemt op de vraag van de baby.

Moedermelk bevat bijna alle voedingsstoffen die je kind nodig heeft. Alleen van de voedingsstoffen vitamine K en D heeft je baby extra nodig. Voor het aanmaken van de moedermelk heeft je lichaam meer energie en voedingsstoffen nodig dan normaal. Je hebt dus iets meer eten nodig.

Borstvoeding direct na de bevalling: hoe werkt dat?

Als je borstvoeding wilt geven is het heel belangrijk dat je je kindje na de bevalling direct op je buik gelegd krijgt. Het huid-op-huid contact is enorm belangrijk. Je kunt je baby eigenlijk direct aan je borst leggen en meestal is je baby in staat om zelf aan de borst te drinken. Direct na de bevalling komt er colostrum uit je borsten, dit is de eerste moedermelk. Dit colostrum zit vol met antistoffen en is licht verteerbaar. Je baby heeft de eerste dagen nog niet veel voeding nodig en het colostrum bevat alles wat je baby de eerste dagen na de bevalling nodig heeft.

Een bijkomend voordeel van het direct geven van borstvoeding is dat het hormoon oxytocine vrijkomt en dat stimuleert het samentrekken van de baarmoeder. Hierdoor komt de placenta sneller los en wordt het bloedverlies beperkt.

Bekijk deze schitterende video over hoe een baby zelf zijn weg vindt naar de borsten van zijn moeder.

Hoe leg je de baby aan?

Het slagen van borstvoeding zit hem vooral in het goed aanleggen van je baby. Direct na de geboorte hebben baby’s een goede zoekreflex en gaan de meeste baby’s op zoek naar de tepel. Je kindje maakt dan smak geluiden en sabbelt op zijn vingertjes.

Het aanleggen van je baby is een kunstje die jij en je baby samen moeten leren. Er zijn baby’s die snel leren, maar ook die er wat langer over doen. Hoe snel het aanleggen gaat lukken is daarom niet van te voren te zeggen.

Bij het aanleggen moet je op een aantal punten letten:

  • je baby ligt in een rechte lijn, zonder dat het nekje geknikt ligt
  • het neusje van de baby is ter hoogte van je tepel
  • je wacht tot de baby zijn mond heel wijd open doet, dan breng je je kindje naar je borst toe, zodat hij de tepel aanhapt
  • het is belangrijk om ervoor te zorgen dat je de tepel niet naar je kindje toe gaat bewegen. Je kindje zal dan aan je borst gaan hangen wat kan zorgen voor vervelende tepelkloven!

Hoe weet ik of het aanhappen goed is gegaan?

Als je kindje eenmaal aan de borst ligt is het belangrijk om te kijken of het aanhappen ook goed is gegaan. Dit kun je controleren door naar de volgende punten te kijken:

  • heeft je baby de hele tepelhof (of een groot deel daarvan) in de mond
  • zijn de lipjes om de borst naar buiten gekruld
  • maakt je kindje zuigbewegingen en eventueel slikgeluiden
  • is het neusje vrij.

Als je op bovenstaande vragen ja kunt antwoorden is je kindje zeer waarschijnlijk goed aangelegd.

De borstvoeding mag gevoelig zijn bij aanleggen maar mag nooit veel pijn doen! Als het wel pijnlijk is verbreek dan het vacuüm door je pink tussen het mondje van je baby en je tepel te doen waardoor je baby de tepel los zal laten.

Trek je baby nooit van je borst af! Dit zal gegarandeerd voor kapotte tepels gaan zorgen!

De eerste 24 uur hoeft je kindje nog niet meteen fanatiek aan de borst te drinken, want het heeft nog reserves waardoor het zonder die voeding kan. Er zijn ook situaties waarin niet 24 uur gewacht kan worden met voeden bijvoorbeeld als je kindje heel klein of juist heel groot is. Je verloskundige zal je dan vertellen wat je dan moet doen.

Borstvoeding, de eerste dagen na de bevalling: hoe werkt dat?

De eerste dagen na de bevalling kun je je baby zo vaak aanleggen als je denkt dat nodig is. Is je baby wakker en alert dan kun je je baby gerust voeden. Slaapt je baby weer dan heb jij ook even de tijd om uit te rusten.

Als je je baby de borst hebt gegeven en hij laat los als de borst leeg is, kun je gerust je andere borst ook nog aanbieden om te kijken of je baby meer wil. Geef je één borst per keer dan is het verstandig af te wisselen, zo wordt de productie van moedermelk in beide borsten gestimuleerd.

Uiteraard geldt dit laatste gedurende de gehele borstvoedingsperiode.

Wat zijn regeldagen?

Is je kind onrustig en lijkt hij geen troost te vinden aan de borst? Dan kan er sprake zijn van een regeldag. Kenmerkend is dat je baby vaak en meestal kort wil drinken.

Gemiddeld komt het zo’n 10 dagen, 3 weken en 6 weken na de geboorte voor. Je baby heeft behoefte aan meer melk en geeft aan je borsten het signaal dat de melkproductie omhoog moet. Het beste is om er aan toe te geven. Na één of meer dagen heb jij weer een tevreden kind!

3. Borstvoeding en de gezondheid van je kleintje

Krijgt mijn kleintje altijd genoeg melk binnen?

Melk die je afkolft, ziet er vaak waterig uit. Toch bevat moedermelk altijd voldoende voedingsstoffen!

Ook kun je herkennen of je kleine voldoende drinkt. Tijdens het voeden hoor je je baby slikken. Alleen de kaken of oorlelletjes zien bewegen zonder bijhorende slikgeluiden is niet voldoende.

Laat hem drinken aan de eerste borst zolang hij wil en bied de tweede borst aan als toetje. Op die manier krijgt je kleintje voldoende vetten binnen. In de eerste kraamweek zijn minstens acht voedingen per etmaal nodig.

Als je baby voldoende groeit dan drinkt je baby voldoende borstvoeding. De eerste maand groeit je baby ongeveer tussen de 100 en 200 gram per week.

Natuurlijk zijn er ook nog andere dingen waar je naar kunt kijken:

  • maakt je baby een levendige indruk?
  • kijkt je baby helder uit zijn oogjes?
  • geef je minstens zeven tot acht voedingen per etmaal en ook ‘s nachts?
  • voelen je borsten na de voeding minder gespannen dan ervoor?
  • hoor je de voeding naar binnen slikken bij je baby?
  • hoeveel natte luiers heb je op een dag? Dit zouden ongeveer 4 tot 6 volle pampers moeten zijn.
  • over de ontlasting: tot 6 weken is elke dag 2 tot 5 poepluiers normaal.

Na ongeveer 14 dagen is je baby weer terug op zijn geboortegewicht, je baby mag maximaal 10% van het geboortegewicht afvallen.

Kan ik gewoon borstvoeding geven als ik ziek ben?

Bij ziekte als griep, verkoudheid en hoge koorts kun je blijven doorvoeden. Het kan wel zijn dat je door het ziek zijn, minder dorst en honger hebt. Hierdoor kan de borstvoeding teruglopen. Blijf toegeven aan de vraag van je baby, probeer met regelmaat te drinken en te eten en zorg voor extra rust en comfort voor jezelf. Dan komt de voeding vanzelf weer op peil.

Jouw ziek zijn levert geen gevaar op voor je baby. Immers, hij wordt niet besmet via jouw melk, je baby is al net zolang in contact geweest met de ziekte als jijzelf. Juist moedermelk beschermt tegen infecties.

Jij maakt de antistoffen aan tegen de virussen en bacteriën, waarmee contact is geweest en deze krijgt je kleine weer binnen via de melk. Zo bescherm je hem dus met het geven van borstvoeding.

4. Als je problemen hebt

Wanneer schakel ik een lactatiedeskundige in?

Als je borstvoeding geeft en problemen of vragen hebt kun je terecht bij een lactatiekundige. Bij thuiszorginstellingen, in ziekenhuizen of als zelfstandig gevestigde.

Aarzel niet om contact op te nemen als borstvoeding pijnlijk is, je kind onvoldoende groeit of als je twijfelt of je het wel goed doet. Je kunt al tijdens je zwangerschap voor borstvoedingsvoorlichting bij een lactatiekundige aankloppen.

Lactatiekundige hulp wordt door de meeste zorgverzekeraars vergoed vanuit de aanvullende polis.

5. Eten en borstvoeding

Moet ik mijn menu aanpassen voor borstvoeding?

Borstvoeding geven maakt hongerig! De hoeveelheid kilocalorieën die jij exact nodig hebt, wordt onder meer bepaald door je lengte, gewicht, activiteitenpatroon en de hoeveelheid melk die je per dag produceert. Geef toe aan je hongergevoel en kies voor een gezonde basisvoeding met royaal groente, fruit, zuivel en vlees, vis of vegetarische vervanger.

Drink minstens 2 liter vocht per dag en gebruik voldoende onverzadigde vetten. Deze komen terecht in de moedermelk als bouwstenen voor de hersenen, ogen en zenuwstelsel van je kleine. Dat betekent twee keer per week vette vis, elke boterham besmeren met halvarine en per persoon een eetlepel vloeibaar vet bij de warme maaltijd.

De oorzaak van krampjes ligt in een onrijp darmstelsel en heeft meestal niets met jouw voeding te maken!

Mag je lijnen als je borstvoeding geeft?

De meeste vrouwen raken na de bevalling geleidelijk aan de overtollige zwangerschapskilo’s kwijt. Dit gebeurt ook als je borstvoeding geeft en is niet schadelijk als het beperkt blijft tot een halve kilo per week. Lijnen om meer af te vallen, is niet verstandig.

Behalve het risico op voedingstekorten bestaat de kans dat er meer chemische stoffen – zoals PCB’s – vanuit je vetweefsel in je moedermelk terechtkomen. Deze zijn schadelijk voor je baby. Het belangrijkste: gezond eten en zorgen dat je voeding voldoende vitamines en mineralen bevat. Gebruik dagelijks een multivitaminepreparaat voor voedende vrouwen.

6. Borstvoeding als je eenmaal bezig bent

Kun je borst- en flesvoeding ook combineren?

Zeker, maar niet vanaf het begin. In de kraamweken is het belangrijk dat je borsten frequent genoeg worden gestimuleerd om voldoende melkkliertjes te activeren. Hiermee leg je een goede basis voor je ‘borstvoedingscarrière’.

Het maakt het makkelijker om op een later moment de melkproductie te verhogen als dat nodig is, maar óók om de borstvoeding te vervangen door flesvoeding zonder dat je melkproductie achteruit loopt. Een goede start zorgt later voor een betere combinatie tussen borst en fles.

Hoe bouw ik een voorraad afgekolfde melk op?

Ook als je niet gaat werken, kan het handig zijn om afgekolfde melk achter de hand te hebben. Na de eerste ochtendvoeding kun je proberen om nog wat melk uit je borsten te kolven. Kleine porties kun je invriezen als ijsklontjes, of – afgekoeld op koelkasttemperatuur – bij elkaar schenken.

Begin op tijd met kolven, liefst als je baby tussen de 4 en 6 weken oud is. Zo wennen je borsten ook aan het kolfapparaat. Hoe vaker en ontspannen je kolft, des te meer melk er in het flesje stroomt. Door ook je kind minstens om de dag een beetje afgekolfde melk aan te bieden, voorkom je dat hij straks weigert om uit iets anders te drinken dan de borst.

7. Borstvoeding en werk

Wat zijn de wettelijke regels rondom kolven?

Volgens de Arbeidstijdenwet mag je – totdat je baby 9 maanden is – een kwart van je werktijd besteden aan het voeden, rechtstreeks of door te kolven. Je werkgever is verplicht om een passende en afsluitbare ruimte beschikbaar te stellen.

Een voorwaarde is wel dat jij je werkgever op tijd vertelt dat je na je verlof wilt voeden. Als je niet kunt of wilt kolven of voeden op je werk, mag je ook ergens naartoe gaan om te kolven of te voeden.

Na 9 maanden houdt het voedingsrecht op. Toch moet de werkgever je nog steeds in staat stellen om te kunnen blijven voeden, bijvoorbeeld in de vorm van extra pauzes. Maar dan wel in overleg en in je eigen tijd.